Mijn druppel op de gloeiende plaat

Een blog over hoe ik probeerde een Colombiaanse familie te helpen en daar uiteindelijk vrij weinig van terecht kwam.

Bibi ligt op bed, ze lacht en zegt dat ze al bijna klaar is om weer aan het werk te gaan. Trots laat ze de tas zien waarmee ze normaal snoepjes verkoopt op straat. Haar broer Angel schudt bezorgd zijn hoofd. “De straat is geen veilige plek voor haar.” Bibi is verstandelijk gehandicapt, de rechterzijde van haar lichaam functioneert niet goed en ze lijdt aan epilepsie. Ze woont met 6 andere familieleden in een houten krot met een golfplaten dak in de arme en gevaarlijke wijk Bello. Elke dag reist Bibi naar het chique El Poblado waar ze snoep verkoopt. Met dat geld onderhoudt ze haar 6-jarige dochter en andere familieleden. Broer Angel is de andere kostwinner.

Maar sinds een paar weken is Bibi aan bed gekluisterd. Tijdens het werk is ze aangereden door een taxichauffeur die na het ongeluk doorreed. Nu is Bibi geopereerd aan haar been en moet ze een paar weken herstellen. Dat betekent dus minder inkomsten en meer problemen voor de familie. Angel legt het hele verhaal uit aan mij, de Colombiaanse Diana en nog twee vrouwen met wie ik in het huisje zit. We passen er nauwelijks met zijn allen in. Volgens Angel heeft de familie om hulp gevraagd bij de overheid, maar door bureaucratisch gedoe worden ze van het kastje naar de muur gestuurd.

IMG-20160321-WA0015 (Medium)

Het huis van Bibi

‘Iets terug doen’

Dit hele verhaal begint twee weken eerder, met een boze post van Diana in twee Facebook-groepen voor expats in Medellín. In die groepen vraagt ze om hulp, ideeën en connecties, want ze wil iets voor de familie van Bibi doen. Via een collega heeft ze over de benarde situatie van de jonge moeder gehoord. Niemand reageert op haar oproepen. “This is lame. If this story would be about a gringo in trouble, you all would have reacted”, schrijft Diana kwaad van zich af.

Ik voel me aangesproken. Want soms wringt het een beetje, het digitale nomaden-gebeuren waar Emiel en ik mee bezig zijn. Terwijl we elke dag de hartverscheurende beelden van de vluchtelingenstroom richting Europa zien, verkeren wij in zo’n luxe positie dat we er vrijwillig voor kiezen om naar ontwikkelingslanden te verkassen. Landen waar onze harde euro’s veel waard zijn. Waar we elke dag weer verbaasd zijn over hoe goedkoop alles is. Landen die worden geteisterd door oorlog en waarin kinderen nog doodgaan van de honger.

Kortom: de boze post van Diana komt als geroepen, want ik wil graag ‘iets terugdoen’. Samen met Emiel bedenk ik het plan om Bibi te bezoeken, te inventariseren wat de familie nodig heeft, haar verhaal pakkend op te schrijven en vervolgens geld in te zamelen onder expats. Een deel van het geld kunnen we voor de familie inzetten en een ander deel doneren aan een stichting die goed werk doet in Medellín. Ik heb geen hoge verwachtingen van het plan, maar hoop dat ik in ieder geval iets voor ze kan betekenen. Dat blijkt al snel een naïeve gedachte.

Aan de slag!

Op een zaterdagavond spreek ik met Diana af in de bar van een hostel in de buurt. Ze blijkt een hulpgroep van vier mensen te hebben opgericht, met daarin (verwarrend genoeg) nóg een Colombiaanse Diana. Zij runt een stichting die activiteiten organiseert voor kinderen in een andere arme wijk van Medellín. Ik voel me een beetje een blok aan hun been, want het gesprek moet regelmatig onderbroken worden om dingen voor mij te vertalen. Maar het is een goede bijeenkomst met drie interessante, intelligente vrouwen. We maken een plan de campagne. Ik heb er vertrouwen in dat we iets goeds gaan doen.

Plannen maken.

Plannen maken.

Een paar dagen later: op weg naar Bibi in Bello. Ik, de drie vrouwen en een luidruchtige Amerikaanse vriend van Diana, houden ons stevig vast in de bus die hortend de berg op stoot. Dit is een wijk waar ik ‘zonder begeleiding’ maar beter niet rond kan lopen. Hoewel de armoede blakend in de zon en opgeluisterd door de eeuwige salsamuziek haast een vrolijk aangezicht krijgt, ligt gevaar van bendegeweld hier altijd op de loer. Het is een erfenis van het Pablo Escobar-tijdperk, bendes maken in sommige wijken nog steeds de dienst uit.

Zittend op een bankje in het kleine huisje van Bibi en haar familie, kan ik me slecht voorstellen hoe ze hier met zijn allen leven. Twee stapelbedden aan iedere kant van de muur, in elk bed slapen meerdere mensen. Het dak vol gaten. Nauwelijks sanitaire voorzieningen. Wat foto’s en posters (van een Nederlandse polder!) aan de muur om de boel op te vrolijken. We hebben veel eten meegenomen, dat de moeder van Bibi zonder een bedankje aanneemt. Bibi’s broer Angel en haar moeder vertellen het tragische familieverhaal en de Diana’s bekijken Bibi’s gewonde been. De familie benadrukt dat ze geen geld willen, maar vooral praktische hulp. Wat dat dan precies moet zijn, blijft onduidelijk.

De Hollandse polder aan de muur.

De Hollandse polder aan de muur.

Na het bezoek aan de familie praat ik na met het hulpteam. De vrouwen hebben zo hun twijfels. Angel verdient zijn geld op een dubieuze manier. (“Ik werk in de avonduren, van 20:00 tot 02:00 uur ’s nachts. Dan ga ik langs de deuren om producten te verkopen, want overdag zijn de mensen niet thuis.” Yeah right.) De verhalen van de moeder en de broer van Bibi zijn niet consistent. We worden het onderling niet eens over de beste strategie, maar uiteindelijk besluiten we dit. Directe financiële hulp aan de familie is uitgesloten. We proberen een rolstoel en medicijnen te regelen en we kijken of we een NGO kunnen vinden die solide huizen bouwt in buurten zoals deze. Waar het ingezamelde geld precíes heen moet, daar lopen de meningen te ver over uiteen. Maar daar lijkt niemand zich echt aan te storen.

Pablo Escobar

Spot de Pablo’s

Niets is wat het lijkt

Thuis tik ik het verhaal van de familie van Bibi op en post het in een Facebook-groep of zes. Diana en ik zetten drie collectiepotjes neer op verschillende plekken in de stad waar veel toeristen en expats komen. Het levert een aantal positieve reacties op. Een Colombiaan schrijft me een emotioneel bericht. “Thank you! This restores my faith in humanity.” Wow, mensen helpen is leuk zeg! Wat voel ik me goed over mezelf! Alhoewel, ergens knaagt het dat ik helemaal niet zeker weet wat we met het geld gaan doen.

Collectepotje bij Ondas.

Collectepotje bij Ondas.

Vanaf dat moment verloopt ons simpele hulptraject grillig. Stichting Techo, een organisatie die huizen bouwt in buurten op de bergen rondom Medellín, belooft ons langs te gaan in Bello. Ze willen kijken of de buurt in aanmerking komt voor een huizenproject. Maar in het weekend van de afspraak, gooit de onrust in dit land roet in het eten. Er dreigt een grote opstand tegen president Santos, bussen worden in de fik gezet en het leven in de stad wordt lamgelegd. Reden genoeg voor Techo om de afspraak af te zeggen.

Op bezoek bij Techo.

Op bezoek bij Techo.

Het regelen van een rolstoel via het Rode Kruis lukt niet. Van een gulle donatie koopt Diana dan maar een paar krukken. Wanneer haar collega die krukken afgeeft bij de familie, zegt de moeder van Bibi dat ze hier helemaal niet op zit te wachten. Ze wil veel liever geld hebben. Bam. Dat is een heel ander verhaal dan ze ons eerder snikkend toevertrouwde. De collega vertelt aan Diana dat de familie ook eigenlijk helemaal niet zo’n goede naam in de buurt heeft.

Stichting Techo laat ons weten dat ze het er niet mee eens zijn dat hun naam op onze postertjes en donatiepotjes staat. We moeten dit op alle online en offline plekken aanpassen. En ze kunnen sowieso niets voor de familie beteken, want de wijk is te instabiel. Ondertussen ga ik nog een week op vakantie. Eigenlijk wil ik nog een keer langs bij de familie, maar vanwege een paar deadlines en ons aanstaande vertrek naar de hoofdstad Bogotá vind ik er de tijd niet voor. Diana is teleurgesteld en we weten allebei niet zo goed hoe nu verder. Ik voel me een prutser, want zo ingewikkeld was dit verhaal toch helemaal niet?

Hebben we het dan helemaal verprutst?

Onze laatste dagen in Medellín zijn aangebroken. Het potje met geld in co-working space Ondas, waar ik iedere dag werk, is steeds voller geworden. Op de andere plekken halen we nauwelijks iets op. Maar we zitten toch met het dilemma: wat moeten we nu met dit geld doen? Ondanks het nare gedrag van Bibi’s moeder, zou ik Bibi zelf graag nog op de één of andere manier willen helpen. Uiteindelijk beslissen Diana en ik dat we een voorraad epilepsiemedicijnen en wat leuke en nuttige cadeautjes voor de dochter van Bibi kopen. Die zijn daar gelukkig allebei hartstikke blij mee. De krukken blijven bij de buren staan, zodat ze er alsnog gebruik van kunnen maken. En de rest van het geld, daarvoor worden Engelse lesboekjes gekocht voor de stichting van de andere Diana.

Vet veel geld!

Vet veel geld!

Veel tijd armer, een ervaring en wat wijsheid rijker…

…constateer ik dat niet al ons werk voor niets was. Een deel van het geld komt in ieder geval op een goede plek terecht. Maar van tevoren had ik niet kunnen bevroeden dat zo’n simpele hulpactie zo ingewikkeld kon zijn. De ervaring met deze toch grotendeels mislukte hulppoging, heeft me veel geleerd. Ik heb nog meer respect gekregen voor mensen die zich jarenlang inzetten voor een, vaak door henzelf opgerichte, stichting in landen die vergelijkbaar zijn met Colombia. Situaties zijn vaak zo oneindig veel gecompliceerder dan je aanvankelijk denkt, dus ik vind het knap als mensen zich door niets laten ontmoedigen.

Het treurige van dit verhaal is dat aan de situatie van Bibi en haar familie waarschijnlijk geen klap verandert. Binnenkort moet ze toch echt weer de gevaarlijke straat op om snoep te verkopen. Daar hebben krukken, een paar doosjes medicijnen en wat cadeautjes niet bij geholpen. Maar hoe cru het ook klinkt, het was voor mij een verrijking om te zien onder wat voor omstandigheden een groot deel van de Colombiaanse bevolking leeft. En door deze ervaring heb ik veel interessante Colombianen leren kennen. Het is als digitale nomade heel gemakkelijk en comfortabel om alleen om te gaan met je andere nomadenvriendjes en rond te hangen in co-working spaces en koffiebarretjes. Ik ben blij dat ik even uit de bubbel ben gehaald. Voor wat het waard is.

Cadeautjes en medicijnen.

Cadeautjes en medicijnen.